dinsdag 7 mei 2013

Stigma


Onlangs heb ik me opgegeven om voor de camera te gaan voor een campagne van SIRE tegen stigmatisering van psychiatrische pati├źnten. Ik betwijfel of ik de juiste vrouw ben om iets aan die stigmatisering te doen, maar het lijkt me al een bijzondere ervaring om aan de selectie mee te doen en nu ben ik er al op een prettige manier mee bezig over wat ik zou kunnen vertellen.

Eigenlijk heb ik weinig last van stigmatisering, ik balanceer meestal op en over het hypomane randje waardoor ik productief en creatief en aanwezig ben. Ik heb – op de depressies na –met het Tourette Syndroom en de Bipolaire Stoornis, de leukste stoornissen die er zijn.

Ik kom zo normaal over dat aan het einde van een opname in een psychiatrische kliniek een manische vrouw in de tuin naast me kwam zitten in de veronderstelling dat ik verpleegkundige was. Naderhand heeft niemand er moeilijk over gedaan dat ik een maand opgenomen was, waarschijnlijk door het aanslaan van de lithium. En de psychiatrie zit in de familie en in de genen, oma was anders en twee kinderen van mijn broer ook, daar valt mee te leven.

Natuurlijk is er wel de stigmatisering van de Touretter. Het Tourette Syndroom is beroemd en berucht vanwege het dwangmatige schelden en vloeken, maar daar hebben de meeste pati├źnten, wel  80%, helemaal geen last van. Er is een spectrum aan tics van keelgeluidjes tot woorden en van knipperende ogen tot huppeltjes en daar komen nog een heleboel verschijnselen bij die eerder aan ADHD en autisme doen denken. Ik heb overigens wel last van coprolalie, van dwangmatig vloeken, maar niet waar anderen bij zijn. Het stigma dat we schreeuwende gekken zijn klopt helemaal niet.

In het verleden heb ik wel vervelende dingen mee gemaakt met stigmatisering en vooroordelen. Dat was nog in de tijd van de betaalde baan: ik werd chaotisch en ik haalde een archiefkast leeg. En dan ga je merken dat er niet meer met je gepraat wordt, maar over je.  Mensen worden bang van je gedrag en bang om met je te praten. Maar toen was er gelukkig ook die collega die ervaring had in de familie met hersenletsel en een andere collega die hersteld was van een paniekstoornis, en nog de collega met een zoon die hersteld was van anorexia. Die mensen met levenservaring lieten me niet zitten en beschouwden me niet als gek. Mijn baan was ik trouwens wel kwijt.

Uit mijn voorbeeld blijkt dat stigmatisering met angst van de anderen te maken heeft. De oplossing is dan ook de angst leren relativeren, en daar wil ik bij SIRE best wat over zeggen. Maar misschien ben jij een Touretter met een korter en een duidelijker verhaal. Geef je dan snel op bij www.sire.nl/hulplijn.

Volg mij op twitter: @tussenmijnoren

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen